HR 3 december 2024, ECLI:NL:HR:2024:1772

Tussenarrest. Economische zaak. Op grond gooien en achterlaten van papieren zakdoek, art. 18.1 (oud) Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009 jo. 10.23.1 (oud) Wet milieubeheer. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 427.3 Sv. Is overtreding van Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009 overtreding van verordening van gemeente a.b.i. art. 427.3 Sv en staat cassatieberoep open tegen arrest waarin hof heeft bepaald dat geen straf of maatregel wordt opgelegd? Tll. en bewezenverklaring zijn toegesneden op art. 18.1 (oud) Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009. Uit samenstel van bepalingen uit Wet milieubeheer, WED en Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009 volgt dat overtreding van deze bepaling als economisch delict is strafbaar gesteld en dat dit economische delict een overtreding is. Arrest van hof betreft dus overtreding van verordening van gemeente, zodat (gelet op art. 427.3 Sv) cassatieberoep van verdachte ontvankelijk is. Daaraan doet niet af dat art. 18.1 (oud) Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009 is vastgesteld krachtens art. 10.23.1 (oud) Wet milieubeheer en ook niet dat overtreding van art. 18.1 (oud) Afvalstoffenverordening Amsterdam 2009 strafbaar is gesteld in WED. Het gaat voor toepasselijkheid van art. 427.3 Sv immers erom (zo moet uit tekst van voorschrift en wetsgeschiedenis worden afgeleid) dat bepaling waarin gedragsnorm is geformuleerd waarvan overtreding strafbaar is gesteld, in verordening van provincie, gemeente, waterschap of met toepassing van Wet gemeenschappelijke regelingen ingesteld openbaar lichaam, is neergelegd. Volgt verwijzing naar rolzitting teneinde AG in gelegenheid te stellen zich uit te laten over middel. CAG: anders. Samenhang met 22/04708 en 22/04709 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen