HR 16 januari 2024, ECLI:NL:HR:2024:12

Caribische zaak. Misbruik van functie door als directeur van toelatingsorganisatie in Curaçao meermalen aanvragers van verblijfsvergunningen te bevoordelen (art. 2:354 SrC). Vrijspraak in eerste aanleg. 1. Kan uit gebruikte bewijsmiddelen worden afgeleid dat verdachte t.t.v. haar handelen wist of kon weten dat zij ruim 76.000 (Antilliaanse) gulden overmaakte naar vrijwel “lege” rekening ten name van A? 2. Schending bepaaldheidsgebod (lex certa-beginsel) doordat hof heeft geoordeeld dat voor een op art. 2:354 SrC toegesneden bewezenverklaring van ‘misbruik van functie’ niet is vereist dat gedragingen van verdachte in strijd met wet zijn, maar dat laakbaar gedrag al voldoende kan zijn? Ad 1. HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Hof is blijkens zijn bewijsoverwegingen van oordeel dat verdachte “moet hebben geweten dat saldo van ruim 76.000 gulden op die rekening niet als vermogen van [A] kon worden aangemerkt omdat het een incidentele storting op een vrijwel “lege” rekening betrof, die bovendien was bestemd om (bouwmateriaal)kosten ten behoeve van bouw van nota bene verdachtes eigen woning te voldoen”. Door hof gebruikte bewijsmiddelen geven voldoende grond aan ’s hofs oordeel dat verdachte in elk geval vóór verlenen van vergunning op 28-9-2016 (op 23-9-2016) moet hebben geweten dat geldbedrag dat zij overmaakte op rekening van A, terechtkwam op een bijna lege rekening. Ad 2. Art. 2:354 SrC stelt o.m. strafbaar de ambtenaar die opzettelijk ‘met misbruik van zijn functie’ iets doet of nalaat om enig voordeel (voor zichzelf of ander) te verkrijgen. Dat brengt met zich dat betreffende gedraging van ambtenaar in relatie moet staan tot zijn functie in die zin dat die functie hem tot die gedraging in staat stelt, maar dat gedraging bij normale uitoefening van functie achterwege zou blijven en door ambtenaar is verricht om enig voordeel te verkrijgen. Ook gedragingen die verband houden met functie van ambtenaar die niet als zodanig in wet zijn verboden of strafbaar gesteld, kunnen dus onder bereik van art. 2:354 SrC vallen. Art. 2:354 SrC is niet in strijd met bepaaldheidsgebod (lex certa-beginsel). Die bepaling maakt voldoende concreet duidelijk op welke gedragingen zij ziet en stelt ambtenaar voldoende in staat om gedrag daarop af te stemmen. Volgt verwerping.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen