HR 27 augustus 2024, ECLI:NL:HR:2024:1093
Medeplegen aanwezig hebben van amfetamine, art. 2.C Opiumwet. Ontvankelijkheid cassatieberoep, art. 432.1.b en 432.3 Sv. Brengt aanwezigheid van gemachtigde raadsman op eerdere tz. in hoger beroep, die voor bepaalde tijd is geschorst, mee dat voor instellen van cassatieberoep een termijn van 14 dagen geldt, als op nadere tz. in h.b. alleen niet gemachtigde raadsman verschijnt? HR: Om redenen vermeld in CAG kan HR cassatieberoep niet in behandeling nemen. CAG: Nu gemachtigde raadsman is verschenen op tz. van 18-6-2013, onderzoek op die tz. is geschorst voor bepaalde tijd tot 13-9-2013 en noch verdachte, noch gemachtigde raadsman is verschenen op die tz. van 13-9-2013, was in dit geval een termijn voor instellen van beroep in cassatie van toepassing van 14 dagen na einduitspraak hof van 27-9-2013, terwijl cassatieberoep is ingesteld op 21-4-2022. Cassatieberoep is dus te laat ingesteld, waardoor verdachte niet kan worden ontvangen in zijn cassatieberoep. Verdachte n-o.