HR 9 mei 2023, ECLI:NL:HR:2023:685

Herziening. Oplichting (art. 326 Sr) en huisvredebreuk (art. 138 Sr). Aanvraag is gebaseerd op n.a.v. klacht van aanvrager gedane uitspraak van EHRM, waarin is vastgesteld dat art. 6 EVRM is geschonden in procedure die tot veroordeling heeft geleid. HR: Op gronden vermeld in CAG is aanvraag gegrond. CAG: EHRM heeft geoordeeld dat in voorliggende zaak sprake is van schending van art. 6.1 en 6.3 EVRM en herziening is noodzakelijk met het oog op rechtsherstel a.b.i. art. 41 EVRM. HR verklaart aanvraag gegrond en verwijst zaak naar hof. Vervolg op HR:2019:768 (strafzaak).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen