HR 28 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:462
Witwassen van geldbedragen (€ 20.010) door meerdere coupures in zak van trui en onder bijrijdersstoel van auto te hebben, art. 420bis.1.a Sr en 420bis.1.b Sr. Bewijsklacht. Heeft verdachte vindplaats van geldbedragen verborgen en verhuld? Nu uit ‘s hofs bewijsvoering niet méér kan worden afgeleid dan dat de verdachte (in losse stapeltjes) geldbedragen van € 10.000 en € 10.010 heeft meegevoerd in zijn kleding en onder een autostoel, is bewezenverklaring wat betreft ‘verbergen en verhullen van vindplaats’ van deze geldbedragen a.b.i. art. 420bis.1.a Sr ontoereikend gemotiveerd. Dat behoeft echter niet tot cassatie te leiden. Nu hof ook heeft bewezenverklaard dat verdachte betreffende geldbedragen voorhanden heeft gehad terwijl hij redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze afkomstig waren uit enig misdrijf en hof kennelijk heeft geoordeeld dat sprake was van eendaadse samenloop m.b.t. verbergen en verhullen van vindplaats van die geldbedragen, heeft verdachte geen belang bij zijn klacht. Volgt verwerping.
De uitspraak op rechtspraak.nl