HR 7 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1833
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. medeplegen feitelijk leiding geven aan bedrieglijke bankbreuk gepleegd door rechtspersoon (meermalen gepleegd), art. 341.1.1 Sr. Betekening dagvaarding in hoger beroep, uitleg art. 588.2 (oud) Sv. Is dagvaarding rechtsgeldig betekend door rechtstreekse verzending als gewone brief van afschrift naar in vonnis Rb vermeld adres van verdachte in Turkije of had toezending door tussenkomst van bevoegde Turkse autoriteit moeten plaatsvinden? Dagvaarding in h.b. is uitgereikt aan griffier, omdat van verdachte geen woon- of verblijfplaats in Nederland bekend is, en verder is afschrift dagvaarding als gewone brief rechtstreeks verzonden naar adres in Turkije. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2002:AD5163 m.b.t. betekening in geval van bekendheid van adres in het buitenland. Uit samenstel van art. 588.2 (oud) Sv, art. 7.1 EVR, art. 16.1 TEVR en door Turkse regering gemaakt voorbehoud bij art. 16.1 TEVR volgt dat in het geval adres in Turkije bekend is, toezending van dagvaarding door OM uitsluitend door tussenkomst van bevoegde Turkse autoriteit of instantie kan plaatsvinden. Verdachte was t.t.v. betekenen van dagvaarding in h.b. niet gedetineerd en er was van hem geen feitelijke woon of verblijfplaats in Nederland maar wel een adres in Turkije bekend. ’s Hofs kennelijke oordeel dat dagvaarding rechtsgeldig is betekend, is niet toereikend gemotiveerd. HR verklaart betekening dagvaarding in h.b. nietig.
De uitspraak op rechtspraak.nl