HR 21 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:754

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto onder klager i.h.k.v. strafrechtelijk onderzoek naar valsheid in geschrift en/of oplichting door medewerkers gemeente. Rb heeft klaagschrift ongegrond verklaard op de grond dat OM en klager in onderhandeling zijn over schikking en klassiek beslag kan worden omgezet in conservatoir beslag (als OM en klager er niet uit komen) en dat het niet onredelijk is beslag te laten voortduren zolang er geen duidelijkheid is over schikking. Verzet strafvorderlijk belang zich tegen opheffing beslag? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BL2823 m.b.t. aan te leggen maatstaf i.g.v. een ex art. 94 Sv gelegd beslag. Rb heeft geoordeeld dat belang van strafvordering zich verzet tegen opheffing van beslag en daaraan ten grondslag gelegd dat “het klassieke beslag omgezet [kan] worden in conservatoir beslag” wanneer OM en klager, die in onderhandeling zijn over eventuele schikking, “er niet uit komen” en dat het “niet onredelijk [is] het beslag te laten voortduren zolang er geen duidelijkheid is over de schikking”. Dat oordeel is onjuist, omdat deze omstandigheden niet een belang van strafvordering in de zin van art. 94 Sv betreffen (vgl. ECLI:NL:HR:2015:3711). Volgt vernietiging en terugwijzing. CAG (anders t.a.v. ontvankelijkheid cassatieberoep): Uit ambtshalve ingewonnen inlichtingen kan worden afgeleid dat ex art. 94 Sv gelegd beslag ná beschikking Rb door omzetting ervan in beslag ex art. 94a Sv is komen te vervallen, zodat klager geen belang heeft bij cassatieberoep en daarin n-o is. Samenhang met 18/04039 B.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken