HR 6 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1558
Mensensmokkel, art. 197a Sr. Overschrijding redelijke termijn in h.b. ’s Hofs oordeel dat overschrijding redelijke termijn in h.b. geen aanleiding geeft tot strafvermindering begrijpelijk? ’s Hofs oordeel dat het geen aanleiding ziet tot strafvermindering, omdat zaak in e.a. voortvarend is behandeld en in 2 instanties binnen 4 jaren is afgehandeld, is niet z.m. begrijpelijk. Weliswaar kunnen bijzondere omstandigheden rechtvaardigen dat wordt volstaan met vaststelling dat redelijke termijn is overschreden maar deze door hof in aanmerking genomen omstandigheden zijn daarvoor (mede i.v.m. mate van overschrijding van redelijke termijn in h.b. met bijna 10 maanden) niet toereikend. ’s Hofs oordeel is daarom ontoereikend gemotiveerd. HR vermindert (mede gelet op overschrijding van redelijke termijn in cassatie) opgelegde gevangenisstraf met 3 maanden. Samenhang met 18/04909.
De uitspraak op rechtspraak.nl