HR 15 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1401

Beklag, beslag ex art. 98 Sv op documenten en gegevensdragers in kantoren van 3 klagers (2 rechtspersonen en 1 natuurlijke persoon) t.z.v. verdenking van overtreding van art. 32 Arbeidsomstandighedenwet n.a.v. arbeidsongeval waarbij werknemer van onderaannemer van klagers is overleden. Beroep op verschoningsrecht, geheimhouderstukken. Absolute competentie, bevoegdheid economische raadkamer. Was gewone raadkamer bevoegd kennis te nemen van klaagschrift, nu klagers verdacht worden van economisch delict? HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Zaak heeft betrekking op verdenking van overtreding van art. 32 Arbeidsomstandighedenwet, terwijl in art. 1.1 WED overtredingen van voorschriften, gesteld bij of krachtens art. 32 Arbeidsomstandighedenwet, zijn aangewezen als economische delicten. Gelet op ECLI:NL:HR:2007:BB8752 diende daarom economische kamer als raadkamer op te treden. Beschikkingen Rb houden echter niet in dat zij zijn gegeven door economische raadkamer en uit p-v’s van behandeling van klaagschrift in raadkamer kan evenmin worden afgeleid dat klaagschrift is behandeld door economische raadkamer. Gelet hierop moet het er voor worden gehouden dat klaagschrift ten onrechte niet is behandeld door economische raadkamer. Volgt partiële vernietiging (beroep is niet gericht tegen beschikking v.zv. klaagschrift daarin gegrond is verklaard) en terugwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen