HR 3 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:503

Verzuim verzending afschrift oproeping tz. in h.b. aan raadsman ex art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv, waarna verdachte ttz. in h.b. op vraag voorzitter antwoordt dat hij wenst dat de zaak wordt behandeld zonder bijstand van zijn raadsman. ’s Hofs kennelijke oordeel dat niettegenstaande genoemd verzuim de behandeling van de zaak ttz. doorgang kon vinden omdat verdachte, na het blijken van dat verzuim, ondubbelzinnig, desbewust en vrijwillig afstand heeft gedaan van de bijstand van zijn raadsman, is niet z.m. begrijpelijk, in aanmerking genomen hetgeen dienaangaande in het p-v is vermeld waaronder i.h.b. verdachtes verklaring dat hij niet weet waar de zaak over gaat. Volgt vernietiging en terugwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen