HR 3 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:501
P-v tz. in h.b. bij ontstentenis voorzitter enkelvoudige kamer Hof vastgesteld en ondertekend door sectorvoorzitter Hof en griffier, nu voorzitter na tz. in h.b. en uitspreken arrest doch vóór uitwerking p-v en daarin opgenomen aantekening mondeling arrest is overleden. Art. 327 Sv. Nietigheid onderzoek ttz. en uitspraak? Terechte klacht dat p-v niet is vastgesteld en ondertekend ex art. 327 Sv leidt niet tot cassatie o.g.v. bijzonderheden van de zaak. Oorzaak verzuim is dat raadsheer die mondeling arrest heeft gewezen na tz. in h.b. is overleden. Blijkens aantekening mondeling arrest was ttz. in h.b. gemachtigde raadsman aanwezig. In cassatie zijn, v.zv. het gaat om in acht genomen vormen en al hetgeen m.b.t. zaak ttz. is voorgevallen, tegen inhoud van door griffier vastgesteld en ondertekend p-v geen klachten aangevoerd. P-v houdt in dat raadsman zich op die tz. t.a.v. bewezenverklaring heeft gerefereerd aan oordeel Hof en alleen "strafmaatverweer" heeft gevoerd. Ook v.zv. het gaat om in p-v tz. in h.b. vermelde beslissingen t.z.v. bewezenverklaring en strafoplegging zijn in cassatie geen klachten aangevoerd. Door voorzitter Hof ondertekend stempelarrest bevat geen andersluidende beslissingen omtrent kwalificatie en strafoplegging dan vermeld in bestreden arrest dat ex art. 425.3..c Sv is aangetekend in door griffier vastgesteld en ondertekend p-v tz. in h.b. Schriftuur bevat geen toelichting m.b.t. belang bij ingesteld cassatieberoep. CAG: anders.
De uitspraak op rechtspraak.nl