HR 23 maart 2018, ECLI:NL:HR:2018:423

Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Onderbewindstelling, art. 1:431 BW. Verzoek opheffing, art. 1:449 lid 2 BW. Toepasselijkheid art. 149 Rv?

De uitspraak op rechtspraak.nl

Tekst

23 maart 2018
Eerste Kamer
17/03066
TT/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. J. van Weerden,
t e g e n
SOLUTIO BEWIND B.V.,
gevestigd te Enschede,
BELANGHEBBENDE in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en Solutio.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak 3794095 BH VERZ 15-914 van de kantonrechter te Enschede van 7 juni 2016;

b. de beschikking in de zaak 200.199.337 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 maart 2017.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

Solutio heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 2 februari 2018 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 23 maart 2018.

Aangehaalde artikelen

Aangehaald in

Verbonden uitspraken