HR 30 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:2003

Beklag, beslag ex art. 94 Sv op 137 auto’s onder BV die wordt verdacht van witwassen en vervolgens failliet gaat. Bij behandeling klaagschrift van pandhouder van auto’s heeft als belanghebbende aanwezige curator van failliete BV zelf klaagschrift ingediend strekkende tot teruggave aan hem van auto’s. 1. Ontvankelijkheid (mondeling) klaagschrift en cassatieberoep curator (klager). 2. Moet door HR gemaakt onderscheid tussen beslag ex art. 94 Sv en beslag ex art. 94a Sv worden herijkt, nu beslag ter verbeurdverklaring ex art. 33a.1.a Sr a.g.v. Wet verruiming mogelijkheden voordeelontneming alle kenmerken van conservatoir beslag heeft gekregen? Ad 1. Klaarblijkelijk heeft Rb verklaring van curator en het daarmee gepaard gaande overleggen van klaagschrift aangemerkt als een (ontvankelijk) klaagschrift a.b.i. art. 552a Sv. Dat oordeel getuigt van een onjuiste rechtsopvatting, daar de wet niet de mogelijkheid kent dat een verzoek om teruggave mondeling wordt gedaan. Dit behoeft evenwel niet tot cassatie te leiden, nu schriftelijke indiening van klaagschrift op griffie ex art. 552a.1 jo. 449.3 Sv mede strekt ter waarborging van het belang dat beslagene en belanghebbenden een afschrift ontvangen van klaagschrift en bij behandeling van klaagschrift worden betrokken en eventueel zelf klaagschrift kunnen indienen, een en ander als bepaald in art. 552a.5 Sv. I.c. is voldaan aan het in art. 552a.5 Sv gewaarborgde belang, zodat n-o verklaring van curator in zijn beklag achterwege kon blijven. Ook overigens is in dezen geen belang aanwijsbaar om ambtshalve het cassatieberoep tegen beschikking n-o te verklaren. Ad 2. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010: BM4095 inhoudende dat in geval van faillissement van beslagene wel een ex art. 94a Sv gelegd conservatoir beslag vervalt, maar niet een ex art. 94 Sv gelegd beslag. Die regel geldt ook na inwerkingtreding van Wet verruiming mogelijkheden voordeelontneming . Enkele omstandigheid dat sindsdien o.g.v. art. 33a.1.a Sr - naast 'door middel van het strafbare feit' verkregen voorwerpen - ook 'uit de baten van het strafbare feit' verkregen voorwerpen voor verbeurdverklaring vatbaar zijn, brengt niet mee dat beslag op voorwerp met het oog op verbeurdverklaring o.g.v. art. 33a.1.a Sr uitsluitend strekt tot behoud van verhaalspositie van overheid als schuldeiser. Dit is anders bij conservatoir beslag a.b.i. art. 94a Sv, nu die bepaling geen enkel verband vereist tussen bepaald strafbaar feit en inbeslaggenomen voorwerp. Volgt verwerping. CAG: anders t.a.v. ontvankelijkheid klager in beklag. Samenhang met 16/05626B.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken