HR 16 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1952

Beklag, beslag ex art. 94a Sv op woonhuis klaagster i.h.k.v. strafzaak tegen haar echtgenoot t.z.v. o.m. gewoontewitwassen. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2010:BL2823 m.b.t. situatie waarin ex art. 94a Sv beslag rust op inbeslaggenomen voorwerp en derde in een beklagprocedure om teruggave verzoekt. In aanmerking genomen dat de woning waarop het conservatoir beslag rust alleen op naam staat van klaagster, die buiten gemeenschap van goederen is gehuwd, is het oordeel van de Rb dat "omstandigheden denkbaar zijn waaronder degene die is uitgesloten van de gemeenschap toch aanspraak kan maken op een deel van de waarde van de gezamenlijke woning" waardoor klaagster "niet buiten twijfel als enige rechthebbende op de woning kan worden aangemerkt" zonder nadere motivering, die ontbreekt, niet begrijpelijk. V.zv. de Rb van oordeel was dat zich de situatie van art. 94a.4 of 94a.5 Sv voordoet, is dat oordeel evenmin begrijpelijk. Volgt vernietiging en terugwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen