HR 4 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1432
Beraadslaging in h.b. n.a.v. onderzoek ttz. in h.b. en in e.a., art. 422.2 Sv. Arrest Hof houdt in: "Dit arrest is gewezen n.a.v. het onderzoek op de terechtzitting." Ex art. 422.2 Sv dient de beraadslaging in h.b. te geschieden n.a.v. het onderzoek ttz. in h.b. alsmede het onderzoek ttz. in e.a., zoals dit volgens het p-v van die tz. heeft plaatsgehad. Middel, dat klaagt dat Hof i.s.m. art. 422.2 Sv slechts heeft vermeld dat het arrest is gewezen n.a.v. het onderzoek op de tz. zonder te vermelden op welke tz. het daarbij het oog heeft, faalt reeds omdat geen rechtsregel een hof verplicht met zoveel woorden in zijn arrest tot uitdrukking te brengen dat het heeft beraadslaagd n.a.v. zowel het onderzoek ttz. in h.b. als het onderzoek ttz. in e.a. (vgl. ECLI:NL:HR:1991:ZC8856). Volgt verwerping. HR merkt op dat een klacht als hier aan de orde in voorkomende gevallen met toepassing van art. 81.1 RO of art. 80a RO kan worden afgedaan.
De uitspraak op rechtspraak.nl