HR 3 juli 2018, ECLI:NL:HR:2018:1052

Geen afschrift appeldagvaarding verzonden naar raadsvrouw, art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv. Kan rechtsbijstand worden afgeleid uit de aan appelakte (uit 2015) gehechte schriftelijke bijzondere volmacht van raadsvrouw ex art. 450.1.b Sv met verzoek haar "als raadsvrouw in het systeem op te nemen"? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2017:2256 m.b.t. als ordemaatregel te beschouwen regeling van art. 39 (oud) Sv. ’s Hofs in de bestreden uitspraak besloten liggende oordeel dat uit de schriftelijke volmacht niet kan blijken dat verdachte zich in h.b. van rechtsbijstand door mr. A had voorzien en dat het voorschrift van art. 51 (oud) Sv, thans art. 48 Sv, niet is geschonden, is niet begrijpelijk. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat die schriftelijke volmacht inhoudt dat door mr. A volmacht is verleend om namens verdachte h.b. in te stellen en dat wordt verzocht mr. A "als raadsvrouw in het systeem op te nemen" en voorts dat, nu door het instellen van h.b. de e.a. is geëindigd, het bedoelde verzoek van mr. A redelijkerwijs moet worden begrepen als mededeling dat zij in de volgende aanleg zal optreden als raadsvrouw. Volgt vernietiging en terugwijzing. N.a.v. CAG maakt HR opmerkingen over de toepasselijkheid in h.b. van de in ECLI:NL:HR:2017:2250 besproken gevolgen van de wijziging m.i.v. 1 maart 2017 van de regeling van art. 39 (oud) Sv omtrent de zgn. stelbrief van de (gekozen) raadsman aan de griffier. De bedoelde aanscherping van regels betreffende het optreden van de raadsman strekt ertoe fouten en misverstanden omtrent de vraag of verdachte is (of werd) bijgestaan door een raadsman te voorkomen en ziet in het licht daarvan ook op de fase van de behandeling in h.b. Dat houdt o.m. in dat het stellen in h.b. dient te geschieden bij separaat schrijven (niet zijnde een appelschriftuur) aan de griffie van het gerechtshof.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken