HR 21 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:465
Medeplegen hennepteelt en deelname criminele organisatie. Motiveringsklachten i.v.m. de aanwezigheid vte in Brazilië op verschillende momenten tijdens de tlgd-periode. HR: art. 81.1 RO. Samenhang 15/05968 (nog geen uitspraak) en 15/04918.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Tekst
21 maart 2017
Strafkamer
nr. S 16/00667
CeH/KD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 19 november 2015, nummer 23/002813-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P.H.L.M. Souren, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur negen middelen van cassatie voorgesteld. Bij aanvullende schriftuur heeft de raadsman het eerste, tweede, derde, vierde, zesde, zevende en negende middel ingetrokken en het vijfde en achtste middel nader toegelicht. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 maart 2017.