HR 28 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:3021

Kernroljurisprudentie. Art. 423.1 en 423.2 Sv, verzoek tot terugwijzing zaak naar de Rb. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:1996:ZD0442 m.b.t. de vraag in welke gevallen een hof de zaak dient terug te wijzen naar de rechtbank. Vonnis in e.a. is bij verstek gewezen en het p-v van de tz. houdt niet in dat aldaar een raadsman van verdachte is verschenen. Hof heeft de zaak in h.b. berecht overeenkomstig art. 423.1 Sv en heeft art. 423.2 Sv buiten toepassing gelaten. Het verzoek van de raadsman tot terugwijzing van de zaak naar de Rb kan bezwaarlijk anders worden verstaan dan als een beroep op het bepaalde in art. 423.2 Sv op de grond dat de Rb aan de behandeling ten gronde niet had mogen toekomen omdat de raadsman van verdachte, die een kernrol vervult bij het onderzoek ttz., aldaar niet is verschenen terwijl hij niet op de bij de wet voorgeschreven wijze op de hoogte is gebracht van de dag van de tz. Oordeel Hof dat het verzoek wordt afgewezen omdat zich niet de situatie voordoet a.b.i. art. 422a Sv is dan ook niet begrijpelijk. Volgt terugwijzing naar Hof.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken