HR 19 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2407

Schriftelijk bescheid houdende de verklaring van een persoon wiens identiteit niet blijkt. Art. 344a.3 Sv. Het Hof heeft tot het bewijs gebezigd de in een p-v van de verbalisant opgenomen verklaringen van drie onbekend gebleven mannen. De verdediging heeft ttz. in h.b. verzocht deze personen als getuige op te roepen, welk verzoek door het Hof is afgewezen. Aldus is sprake van de in art. 344a.3 sub b Sv bedoelde situatie, namelijk dat namens verdachte op enig moment in het geding de wens is te kennen gegeven om de persoon als bedoeld in de aanhef van die bepaling te ondervragen of te doen ondervragen. Gelet daarop stond art. 344a.3 Sv in de weg aan het gebruik van het bedoelde p-v voor het bewijs. Volgt vernietiging en terugwijzing.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen