HR 27 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1160

H.b. te laat ingesteld, art. 408.1.c Sv. Het Hof heeft vastgesteld dat een verbalisant heeft getracht de dagvaarding voor de tz. van de Pr aan verdachte uit te reiken, doch dat dit niet is gelukt omdat verdachte weigerde het stuk in ontvangst te nemen, waarop de verbalisant de inhoud daarvan heeft medegedeeld aan verdachte. Gelet hierop getuigt ’s Hofs oordeel dat zich een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit voortvloeit dat de dag van de tz. in e.a. aan verdachte tevoren bekend was en dat hij binnen 14 dagen na de in e.a. gegeven einduitspraak h.b. had moeten instellen, niet van een onjuiste rechtsopvatting terwijl het evenmin onbegrijpelijk is. CAG: anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen