HR 20 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1121

Ontbrekende pleitnota. Middel over verwerping uos’en t.a.v. voorbereidingshandelingen plofkraak pinautomaat. Op grond van de bij het Hof ingewonnen nadere informatie alsmede het p-v van de tz. in h.b. waarin de pleitnota wordt vermeld, moet worden aangenomen dat de raadsman van verdachte op de tz. in h.b. het woord heeft gevoerd overeenkomstig de inhoud van een door hem overgelegde pleitnota en dat die pleitnota nadien in het ongerede is geraakt en niet meer ter beschikking zal komen. Gelet daarop gaat de HR veronderstellenderwijs ervan uit dat de raadsman ttz. van het Hof heeft aangevoerd hetgeen in de toelichting op het middel is vermeld. Middel faalt echter op de gronden als vermeld in de CAG. CAG: Hof heeft niet onbegrijpelijk geoordeeld dat verdachte de in de Audi aangetroffen voorwerpen met zijn mededaders voorhanden heeft gehad. In bewijsvoering van Hof ligt besloten dat betrokkenheid van verdachte heeft plaatsgevonden i.h.k.v. gezamenlijke uitvoering van voorbereidingshandelingen. Samenhang met 16/02316 (niet gepubliceerde zaak die is afgedaan met art. 81.1 RO).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen