HR 21 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1266

Economische zaak. Medeplegen van opzettelijk voorhanden hebben van professioneel/illegaal vuurwerk. CAG: falende klacht met beroep op Vidgen-arrest over schending van art. 6.3.d. EVRM (ondervragingsrecht). HR: art. 81.1 RO.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Tekst

21 juni 2016
Strafkamer
nr. S 15/00525 E
SG/DAZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, Economische Kamer, van 28 januari 2015, nummer 21/006776-13, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft E.J.M.J. Damen, advocaat te Arnhem, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier L. Nuy, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 juni 2016.

Aangehaalde artikelen

Aangehaald in

Verbonden uitspraken