HR 31 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:1009
Verstek verleend en aanwezigheidsrecht i.g.v. opname in psychiatrisch ziekenhuis. Uit de inhoud van de in cassatie overgelegde stukken moet worden afgeleid dat de verdachte ten tijde van de behandeling van haar strafzaak in h.b. in een psychiatrisch ziekenhuis verbleef en om die reden verhinderd was op de tz. in h.b. te verschijnen, zodat de beslissing van het hof om tegen de verdachte verstek te verlenen en het onderzoek ter terechtzitting voort te zetten, achteraf bezien, onjuist was. Gelet op het grote belang van de verdachte om bij de behandeling van haar zaak aanwezig te zijn of zich door een gevolmachtigd raadsman te laten verdedigen, brengt dit mee dat de verdachte de mogelijkheid dient te hebben om haar zaak alsnog in h.b. in haar tegenwoordigheid of de tegenwoordigheid van een gevolmachtigd raadsman te doen behandelen. Volgt vernietiging en terugwijzing.
De uitspraak op rechtspraak.nl