HR 7 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:890
1. Art. 311.4 Sv, laatste woord, 2. Afwijzing getuigenverzoek. Ad 1. Uit het p-v van de tz. blijkt niet dat aan verdachte het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in art. 311.4 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genomen. Ad 2. Het oordeel van de Pr dat het verdedigingsbelang moet wijken voor het belang van de strafvordering is niet zonder meer begrijpelijk. De enkele verwijzingen naar het belang bij een zo voortvarend mogelijke afdoening van de strafzaak en de relatief geringe ernst van de overtreding zijn daartoe onvoldoende.
De uitspraak op rechtspraak.nl