HR 24 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3365

Art. 184.1 Sr. Blijkens de bewezenverklaring is een “onbekend gebleven persoon als verdacht van overtreding van art.184 Sr” op heterdaad aangehouden. De in het kader van deze aanhouding verrichte handelingen zijn ondernomen ter uitvoering van het in art. 53 Sv bepaalde. De tll. en de bewezenverklaring hebben betrekking op gedragingen van verdachte waarmee hij die aanhouding opzettelijk heeft belemmerd a.b.i. art. 184.1, tweede zinsdeel, Sr, en zien derhalve niet op gedragingen a.b.i. in het eerste zinsdeel van die bepaling (niet voldoen aan bevel of vordering). Gelet op de tekst van art. 184.1 Sr heeft het niet voldoen aan een bevel alleen betrekking op het eerste zinsdeel van die bepaling. De beoordeling van de rechtmatigheid van dat bevel staat dus niet ten toets bij het in het tweede zinsdeel omschreven strafbare feit. De in de klacht aan de orde gestelde vraag naar de rechtmatigheid van het gegeven bevel, behoeft hier dan ook geen beantwoording.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen