HR 27 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:3168

Witwassen. 1. Slagende bewijsklacht verbergen en verhullen, art. 420bis.1 aanhef en onder a Sr, 2. Slagende kwalificatieklacht verwerven en voorhanden hebben, art. 420bis.1 aanhef en onder b Sr. Het Hof heeft kennelijk geoordeeld dat het door de medeverdachte van betrokkenen in ontvangst genomen geldbedrag afkomstig is uit door de verdachte (mede)gepleegde oplichting althans uit een (met de bewezenverklaarde feiten 1 en 4 vergelijkbaar) misdrijf dat verdachte zelf heeft begaan en tevens dat dit geldbedrag onmiddellijk daaruit afkomstig is. Ad 1. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2014:3687. Uit de gebezigde bewijsvoering kan niet méér worden afgeleid dan dat verdachte een geldbedrag in ontvangst heeft genomen. Dat het geldbedrag aanvankelijk door de medeverdachte in ontvangst is genomen en daarna aan verdachte is overhandigd brengt immers niet mee dat de verdachte de werkelijke aard, herkomst en verplaatsing ervan heeft verborgen en/of verhuld. Ad 2. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2014:702, NJ 2014/302. In aanmerking genomen ’s Hofs kennelijke oordeel dat het geldbedrag onmiddellijk afkomstig is uit een door de verdachte (mede)gepleegd misdrijf, is ’s Hofs oordeel dat het verwerven en voorhanden hebben van dat geldbedrag “witwassen” oplevert, ontoereikend gemotiveerd aangezien uit de bestreden uitspraak niet kan worden afgeleid dat sprake is van meer dan het enkele voorhanden hebben van het geldbedrag doordat de gedragingen van verdachte ook (kennelijk) gericht zijn geweest op het daadwerkelijk verbergen of verhullen van de criminele herkomst ervan.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken