HR 12 mei 2015, ECLI:NL:HR:2015:1241

Wederrechtelijke vrijheidsberoving, art. 282 Sr. De HR schetst de uit de bewijsvoering blijkende f&o waaronder de vrijheidsberoving heeft plaatsgevonden. ’s Hofs oordeel dat verdachte aldus samen met een ander X van zijn vrijheid heeft “beroofd” i.d.z.v. art. 282.1 Sr is niet toereikend gemotiveerd. De volgens de bewezenverklaring gebezigde bewoordingen “komen jullie twee mee naar beneden” of “komen jullie mee” en “stap in de auto” zijn immers in het algemeen niet van dien aard dat X in feite van zijn vrijheid - de vrijheid om te gaan en staan waar hij wil - werd “beroofd”. I.c. heeft het Hof niets naders vastgesteld omtrent de context waarin voormelde uitlatingen zijn gedaan. Gelet hierop biedt de bewijsvoering onvoldoende grond voor het kennelijke oordeel van het Hof dat van zodanige f&o sprake was dat X niet de vrijheid had om niet mee te gaan of om weg te gaan, en is de bewezenverklaring wat betreft het “beroven” van de vrijheid onvoldoende gemotiveerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen