HR 16 december 2014, ECLI:NL:HR:2014:3631

Opzetheling, art. 416 Sr. Slagende bewijsklacht. In aanmerking genomen dat het Hof, “in het midden latend wie de ringen in de tas heeft gestopt”, de mogelijkheid heeft opengelaten dat de in verdachtes tas aangetroffen ringen door een ander dan verdachte in de tas zijn gestopt en mede gelet op het gevoerde verweer, is ’s Hofs oordeel dat niet aannemelijk is dat verdachte niet wist van de aanwezigheid van de ringen in zijn tas niet zonder meer begrijpelijk. Dat brengt mee dat de bewezenverklaring ontoereikend is gemotiveerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen