HR 30 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2843

Profijtontneming. Klacht m.b.t. de schatting van het w.v.v. op basis van de zgn. methode van kasopstelling, mede in het licht van een gevoerd verweer over het beginvermogen, faalt. In de berekening ligt besloten dat het Hof ervan is uitgegaan dat de betrokkene bij de aanvang van de onderzoeksperiode niet de beschikking had over legale vermogensbestanddelen. Hetgeen door en namens de betrokkene in verband met het beginvermogen is aangevoerd is door het Hof kennelijk en niet onbegrijpelijk aangemerkt als een onvoldoende betwisting van het in het financieel onderzoek gekozen uitgangspunt omtrent het beginvermogen. CAG: anders.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen