HR 30 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2842

Voorbedachte raad. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2013:963. ’s Hofs oordeel dat verdachte met voorbedachte raad heeft gehandeld is ontoereikend gemotiveerd. Uit de door het Hof vastgestelde f&o kan niet zonder meer volgen dat verdachte zich, voordat hij en de medeverdachten zich de toegang tot de woning hadden verschaft, op enig moment heeft voorgenomen het slachtoffer van het leven te beroven. Uit die f&o volgt dat de medeverdachte aan verdachte en de overige medeverdachten de opdracht gaf het so. een “lesje te leren”, maar zij wilde niet dat "het slachtoffer zou worden doodgeschoten of dat hij pijn zou lijden". Aan de omstandigheid dat verdachte “voldoende tijd en gelegenheid [heeft] gehad om zich te kunnen beraden over de mogelijke betekenis en de gevolgen van zijn besluit”, kan niet zonder meer de gevolgtrekking worden verbonden dat zijn besluit ook inhield het slachtoffer te doden. De bewezenverklaring is in zoverre derhalve ontoereikend gemotiveerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde uitspraken