HR 20 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1174

OM-cassatie. Mensenhandel, art. 273f Sr. Uitleg begrip ‘ertoe brengen’ a.b.i. art. 273f.1.5 Sr. Grondslagverlating. Mede gelet op de wetsgeschiedenis heeft het Hof met zijn oordeel dat ‘ertoe brengen’ duidt op “een situatie waarin een reële eigen keuze van de prostituee in meer of mindere mate afwezig is, waarbij op zichzelf niet doorslaggevend is of de prostituee al dan niet minderjarig is” een te beperkte en dus onjuiste betekenis toegekend aan de in de tll. voorkomende term ‘ertoe brengen’, die aldaar is gebezigd in dezelfde betekenis als daaraan toekomt in art. 273f.1.5 Sr. HR herhaalt vervolgens toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:1999:AB9475. Mede gelet op deze overwegingen en in aanmerking genomen dat art. 273f.1.5 Sr blijkens de wetsgeschiedenis strekt ter bescherming van minderjarigen en om die reden de eis van het uitoefenen van dwang ontbreekt, verdient nog opmerking dat ook v.zv. het oordeel van het Hof zou zijn gebaseerd op de opvatting dat de omstandigheid dat aangeefster zich reeds met “prostitutiewerk” bezighield voordat zij verdachte benaderde en verdachte op haar verzoek slechts “faciliterende activiteiten” heeft verricht, aan de toepasselijkheid van art. 273f.1.5 Sr in de weg staat, dat oordeel berust op een verkeerde rechtsopvatting.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken