HR 7 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ5665
Art. 81 lid 1 RO. Nakoming overeenkomst met betrekking tot grondtransactie; beroep op (wederzijdse dwaling), art. 6:228 BW.
De uitspraak op rechtspraak.nl
Tekst
7 juni 2013
Eerste Kamer
12/01986
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
De rechtspersoon naar buitenlands recht NOU BIOURBANISMIE S.A.,
gevestigd te Valencia, Spanje,
EISERES tot cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. P.A. Ruig, thans mr. B. Winters,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
wonende te [woonplaats], België,
2. [Verweerder 2],
wonende te [woonplaats], België,
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. J.W.H. van Wijk.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Nou Biourbanisme en [verweerders].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 302049/HA ZA 08-122 van de rechtbank 's-Gravenhage van 29 juli 2009 en 15 september 2010;
b. het arrest in de zaak 200.078.412/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 20 december 2011.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Nou Biourbanisme beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerders] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor [verweerders] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Nou Biourbanisme in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 1.886,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, C.E. Drion en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 7 juni 2013.