HR 23 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX6925
Het Hof heeft verdachte onder meer veroordeeld tot een gevangenisstraf van 226 dagen, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. In aanmerking genomen dat het Hof blijkens de strafmotivering onmiskenbaar heeft bedoeld een gevangenisstraf op te leggen waarvan het onvoorwaardelijke gedeelte gelijk zou zijn aan de in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebrachte tijd, berust de straf op een kennelijke misslag. De HR leest de bestreden uitspraak met verbetering van deze misslag. Aan het middel komt daardoor de feitelijke grondslag te ontvallen.