HR 2 oktober 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5112

Verjaring. HR ambtshalve: De feiten onder 3 zijn begaan in de periode van 9-7-1999 tot en met 9-7-2005. Op grond van art. 70.ahf. 2° Sr jo. art. 72.2 Sr beloopt de verjaringstermijn i.c. ten hoogste 2 maal 6 jr. Het OM is daarom nog slechts wat betreft een deel van de tenlastegelegde periode ontvankelijk in zijn vervolging. HR vernietigt de bestreden uitspraak m.b.t. feit 3 en de strafoplegging en wijst de zaak in zoverre terug.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen