HR 10 april 2012, ECLI:NL:HR:2012:BW1361

Stuiting van de verjaring van het recht tot strafvordering. In geval van verandering van wetgeving m.b.t. de verjaring geldt naar hedendaagse rechtsopvatting in strafzaken als uitgangspunt dat deze verandering direct van toepassing is, met dien verstande dat een reeds voltooide verjaring wordt geëerbiedigd (vgl. HR LJN BK1998). Het Hof heeft geoordeeld dat dit uitgangspunt ook geldt voor de wijziging van art. 72.1 Sr welke bepaling niet meer de eis stelt dat een daad van vervolging de vervolgde bekend of hem betekend moet zijn, wil die daad de verjaring stuiten. Dat oordeel is juist. Voor de onderhavige zaak betekent dit dat de verjaring van het recht tot strafvordering is gestuit door het uitbrengen van de dagvaarding. Uit het vorenoverwogene volgt dat de rechtsklacht faalt en dat de motiveringsklacht onbesproken kan blijven.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen