HR 27 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV6996
Art. 38a Sr; voorwaarden TBS. Het Hof heeft aan de verdachte, naast een deels voorwaardelijke gevangenisstraf, de maatregel van TBS opgelegd en daarbij voorwaarden gesteld. Deze voorwaarden maken deel uit van een reeks van voorwaarden betreffende het gedrag van de verdachte. Een klacht over afzonderlijke voorwaarden dient te worden beoordeeld tegen de achtergrond van het geheel van de gestelde voorwaarden, die onmiskenbaar strekken tot een doeltreffende behandeling van de terbeschikkinggestelde verdachte en dus tevens tot het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. De in het middel bedoelde voorwaarden zijn - gelet op de duur en de mate waarin zij de terbeschikkinggestelde verdachte in zijn vrijheid beperken - noch in strijd met de beginselen van subsidiariteit en proportionaliteit noch in strijd met art. 38a.4 Sr en noch met de in het middel genoemde verdragsbepalingen, in aanmerking genomen dat zij zijn voorzien bij een wettelijk voorschrift dat voldoet aan de eisen van art. 2.3 en 2.4 Vierde Protocol EVRM.
De uitspraak op rechtspraak.nl