HR 11 mei 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV1031
Onrechtmatige daad door politicus in het openbaar op onnodig grievende wijze en zonder voldoende feitelijke onderbouwing te beschuldigen van misdrijven in de privésfeer. Botsing van recht op vrijheid van meningsuiting en recht op eer en goede naam. Afweging van alle relevante omstandigheden; HR 24 juni 1983, NJ 1984/801. Hof heeft geen verkeerde maatstaven bij beoordeling aangelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl