HR 10 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BT8950

Beklag, beslag. In een geval waarin het belang van strafvordering het voortduren van een beslag ex art. 94 Sv niet meer vordert en waarin een derde ex art. 552a Sv verzoekt om teruggave, dient de rechter te beoordelen of de klager die stelt rechthebbende te zijn, redelijkerwijs als zodanig kan worden aangemerkt. Hierbij mag de rechter civielrechtelijke aspecten betrekken, maar van hem wordt niet verlangd dat hij treedt in de beslechting van burgerrechtelijke eigendoms- en bezitskwesties. De Rechtbank heeft geoordeeld dat klaagster redelijkerwijs niet als rechthebbende op de inbeslaggenomen auto kan worden aangemerkt, nu in het dossier niet alleen aanknopingspunten zijn te vinden voor de stelling dat klaagster als rechthebbende kan worden aangemerkt, maar ook voor de stelling dat X als rechthebbende kan worden aangemerkt. Dat oordeel is ontoereikend gemotiveerd.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen