HR 10 januari 2012, ECLI:NL:HR:2012:BT2679

Antilliaanse zaak. Art. 413 SvA. Art. 359a Sv. Het oordeel van het Hof komt hierop neer dat art. 413.5 SvA, voor zover inhoudende dat het OM niet-ontvankelijk wordt verklaard indien door toedoen van de normschending geen sprake kan zijn van een behandeling van de zaak die aan de eisen van een eerlijk proces voldoet, moet worden uitgelegd op dezelfde wijze als waarop de Hoge Raad art. 359a Sv, voor zover inhoudende dat het OM niet-ontvankelijk is indien door het verzuim geen sprake kan zijn van een behandeling van de zaak die aan de beginselen van een behoorlijke procesorde voldoet, heeft uitgelegd. Dat oordeel is juist voor zover het gaat om een geval als het onderhavige waarop art. 359a Sv het oog heeft, te weten een vormverzuim bij het voorbereidend onderzoek dat niet meer kan worden hersteld en waarvan de rechtsgevolgen niet uit de wet blijken.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen