HR 31 mei 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ0757
Betekening inleidende dagvaarding. Op grond van de aan de HR gezonden stukken moet het ervoor worden gehouden dat de dagvaarding in hoger beroep ex art. 408a Sv is uitgereikt aan de gemachtigde van de verdachte hetgeen ex art. 450.4 Sv geldt als uitreiking in persoon aan de verdachte. Nu de verdachte aldus in hoger beroep had kunnen klagen over de wijze van betekening van de inleidende dagvaarding maar hiervan geen gebruikt heeft gemaakt, kan daarover in cassatie niet met vrucht worden geklaagd (vgl. HR LJN AD5163 rov. 3.29 en 3.41).
De uitspraak op rechtspraak.nl