HR 22 maart 2011, ECLI:NL:HR:2011:BP0096
1. Bedreiging met zware mishandeling. Bewijs opzet. 2. Belaging, art. 285b Sr. Ad 1. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN BB7104 en LJN BA3135. De enkele omstandigheid dat verdachte, terwijl hij zijn koppeling ingetrapt bleef houden, veel gas heeft gegeven op het moment dat X vlak voor zijn auto langs liep alsmede het feit dat X zich erg bedreigd voelde, vormen onvoldoende grond om aan te nemen dat sprake was van bedreiging met zware mishandeling. De uitspraak is in zoverre niet naar de eis der wet met redenen omkleed. Ad 2. In aanmerking genomen hetgeen de bewijsmiddelen inhouden omtrent de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de gedragingen van verdachte, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van X, kan niet worden gezegd dat sprake is van “stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer” in de betekenis die daaraan toekomt in art. 285b Sr. Het Hof heeft dus ofwel blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting omtrent dat delictsbestanddeel ofwel nagelaten de bewezenverklaring in dat opzicht toereikend te motiveren.
De uitspraak op rechtspraak.nl