HR 1 juni 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL1713
Noodweer(exces). Het middel gaat uit van een te beperkte lezing van ’s Hofs overwegingen. Het Hof heeft tot uitdrukking gebracht dat de aan het beroep op noodweer(exces) ten grondslag gelegde stelling dat X dreigend met een steen in de hand op de verdachte afkwam, niet aannemelijk heeft geacht, omdat verdachte bij geen enkele gelegenheid - ook niet bij zijn verhoor t.t.z. van het Hof - ervan heeft melding gemaakt dat X met een steen in de hand op hem is afgekomen, dat daarvan overigens in het onderzoek t.t.z. niet is gebleken en dat dit ook niet kan worden afgeleid uit de verklaringen van Y. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk. Voor een verdergaande toetsing is in cassatie geen plaats.
De uitspraak op rechtspraak.nl