HR 26 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL0004
Procesrecht. Dwangsom. Vervolg van HR 14 september 2001, LJN ZC3637. Van “onmogelijkheid” als bedoeld in art. 611d lid 1 Rv. is sprake indien zich een situatie voordoet waarin de dwangsom als dwangmiddel zijn zin verliest. Of het onmogelijk is om de hoofdveroordeling uit te voeren, moet in beginsel worden beoordeeld aan de hand van feiten en omstandigheden van na die hoofdveroordeling. Discretionaire bevoegdheid rechter van art. 611d lid 1 Rv. In bijzondere omstandigheden rekening te houden met eigen gebrek aan zorgvuldigheid veroordeelde vóór hoofdveroordeling (vgl. BenGH 29 april 2008, NJ 2008, 309).
De uitspraak op rechtspraak.nl