HR 13 november 2009, ECLI:NL:HR:2009:BI6256

Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Art. 26 lid 1 Wvg. Verkoop met tot 45 dagen na wijziging bestemmingsplan uitgestelde levering van door de gemeenteraad bij besluit aangewezen percelen waarop de artikelen 10 tot en met 24, 26 en 27 Wvg van toepassing zijn aan derde, die ter financiering van grond een kredietovereenkomst is aangegaan met een bank aan wie de verkoper tot zekerheid voor de voldoening door koper van zijn schuld uit deze kredietovereenkomst een recht van hypotheek heeft verleend op de percelen. Maatstaf beroep op nietigheid ex art. 26 lid 1 Wvg (vgl. HR 27 juni 2008, NJ 2009, 79): rechtshandelingen die weliswaar niet leiden tot vervreemding tijdens bestaan voorkeursrecht, maar waarbij beschikkingsmacht over en economisch belang bij grond in enigerlei mate aan een derde worden overgedragen, zijn vernietigbaar. Ook rechtshandeling die op zichzelf beschouwd niet aan het criterium beantwoordt, maar die onderdeel uitmaakt van een geheel van rechtshandelingen dat is verricht met de kennelijke strekking afbreuk te doen aan gemeentelijk voorkeursrecht, zijn vernietigbaar ex art. 26 Wvg. Met vestiging gemeentelijk voorkeursrecht verwerft gemeente niet het economisch eigendom. Vestiging hypotheek op onroerend goed waarop voorkeursrecht rust, is niet per definitie verricht met kennelijke strekking afbreuk te doen aan voorkeursrecht; indien echter de hypotheek is gevestigd tot zekerheid voor aflossing schulden uit overeenkomst met dergelijke strekking of onderdeel uitmaakt van geheel van rechtshandelingen met die strekking dan valt zij binnen het bereik van art. 26 Wvg. Nietigheid van rechtshandelingen, waaronder verlening hypotheekrecht, inroepbaar ex art. 26 Wvg.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen