HR 17 februari 2009, ECLI:NL:HR:2009:BG8955
OM-cassatie. Grondslagverlating. De tll is toegesneden op art. 37 Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Zij behelst telkens het verwijt dat verdachte in de tenlastegelegde periode als houder van de in die tll genoemde dieren aan die dieren de nodige (diergeneeskundige) verzorging heeft onthouden. In dat verband behelst die tll telkens een omschrijving van de toestand waarin die dieren verkeerden. Het Hof heeft kennelijk geoordeeld dat de redactie van die tll dwingt tot de uitleg dat die dieren gedurende de gehele tenlastegelegde periode in die toestand verkeerden. Die uitleg is evenwel met die bewoordingen van de tll niet te verenigen, omdat die bewoordingen immers de mogelijkheid insluiten dat die dieren op enig moment in de tenlastegelegde periode in die toestand verkeerden (zulks ten gevolge van het onthouden van de nodige verzorging). Aldus heeft het Hof de grondslag van de tll verlaten en verdachte van iets anders vrijgesproken dan is tenlastegelegd.
De uitspraak op rechtspraak.nl