HR 11 november 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF0740

OM-cassatie. Bedreiging. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR LJN AT3659. Het Hof heeft geoordeeld dat de omstandigheden waaronder de woorden “ik ga jullie doodmaken” en “jullie gaan dood, jullie gaan eraan” en “je gaat dood, je gaat eraan” door verdachte zijn gebezigd, te weten geboeid in een politieauto respectievelijk op het politiebureau in een voorgeleidingsruimte waarin meer politieambtenaren vertoefden, in de weg staan aan het aannemen van de redelijke vrees bij de betreffende verbalisanten dat zij het leven zouden verliezen. De aldus aan dit oordeel gegeven motivering is echter niet begrijpelijk. Het Hof heeft met juistheid vooropgesteld dat de door verdachte gebezigde woorden naar hun betekenis een onmiskenbaar bedreigende strekking hebben en is voorts ervan uitgegaan dat de verbalisanten zich door die woorden bedreigd voelden. Daartegenover kunnen de door het Hof genoemde omstandigheden, die erop neerkomen dat verdachte op het moment dat hij zijn bedreigende woorden uitte niet in staat was de bedreiging ten uitvoer te brengen, niet redengevend zijn voor het ontkennende antwoord op de vraag of de bedreiging naar aard en strekking bij de verbalisanten de redelijke vrees kon doen ontstaan dat zij – later – het leven zouden kunnen verliezen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen