HR 21 oktober 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD2433

Ontvankelijkheid cassatieberoep. Het bestreden arrest heeft o.m. betrekking op (sub 2) overtreding van art. 5 WVW 1994 en (sub 3) overtreding van art. 107.1 WVW 1994 ter zake waarvan het Hof de verdachte heeft veroordeeld tot EUR 250,- geldboete subs. 5 dgn. hechtenis, onderscheidenlijk 2 wkn. hechtenis. Ingevolge art. 427.2 Sv staat tegen arresten van de gerechtshoven betreffende overtredingen hoger beroep in cassatie open behoudens indien (a) met toepassing van art. 9a Sr geen straf of maatregel werd opgelegd of (b) geen andere straf of maatregel werd opgelegd dan een geldboete tot een maximum – of wanneer bij het arrest 2 of meer geldboetes zijn opgelegd, tot een gezamenlijk maximum- van EUR 250,-. Gelet hierop en in aanmerking genomen dat t.z.v. de overtreding (sub 3) hechtenis is opgelegd, kan verdachte ook worden ontvangen in zijn beroep vzv. dat is gericht tegen de oplegging van de geldboete t.z.v. de overtreding (sub 2).

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen