HR 3 juni 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC6907

Bewijsklacht. Gelet op het door het Hof vastgestelde moment waarop het vuurwerk door verdachte op het balkon is gegooid (in een periode van 70 tot 30 min. voorafgaand aan de ontdekking van de brand) en voorts gelet op het gevoerde verweer dat ook anderen die avond in die buurt vuurwerk hebben afgestoken, had het Hof zijn oordeel, erop neerkomend dat als vaststaand moet worden aangenomen dat het enige tijd geduurd heeft voordat de brand zich heeft ontwikkeld tot de omvang die deze bij ontdekking door de bewoner had nader moeten motiveren. De tot het bewijs gebezigde technische informatie houdt immers niet meer in dan dat “niet uitgesloten (kan) worden dat de brand is veroorzaakt door het naar binnen gooien van een stuk [vuurwerk] zoals voor het onderzoek is aangeboden”, terwijl de gebezigde bewijsmiddelen over de wijze waarop de brand door dat vuurwerk in de slaapkamer is ontstaan en omtrent het (mogelijke) verloop daarvan, geen nadere precisering behelzen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen