HR 18 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA3610

Gebruik als (aanvullend) bewijs van een in het adviesrapport van de reclassering neergelegde verklaring van verdachte. Het uitbrengen van het adviesrapport, welk rapport kennelijk op de voet van art. 10 Reclasseringsregeling 1995 is opgemaakt in het kader van de zogenaamde ‘vroeghulp’ en een rapport is a.b.i. art. 62.4 Sv behoort tot de reclasseringswerkzaamheden a.b.i. art. 8.1.b Reclasseringsregeling 1995, kort gezegd: het doen van onderzoek naar en het geven van voorlichting over de verdachte. Daarbij gaat het om een kort verslag van door de reclasseringswerker a.d.h.v. in een gesprek met de in verzekering gestelde verdachte verkregen informatie, in het bijzonder met het oog op beslissingen over de voorlopige hechtenis. Een zodanig rapport strekt tot het geven van voorlichting over de persoon, de persoonlijkheid en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Mede tegen de achtergrond van de hulpverleningsrelatie waarin de reclasseringsambtenaar tot verdachte staat, mag de verklaring van verdachte in een dergelijk adviesrapport niet worden gebruikt voor het bewijs van het tenlastegelegde.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen