HR 4 september 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA1620
Fotoconfrontatie op de Antillen. De beweerdelijk suggestieve gang van zaken bij de fotoconfrontaties is door de verdediging niet alleen gegrond op de – door het Hof verworpen – stelling dat bij de tweede fotoconfrontatie de foto’s van anderen dan verdachte gelijk waren aan die van de eerste fotoset. Daarnaast is aangevoerd dat de politie na de eerste fotoconfrontatie de getuige heeft benaderd met de mededeling dat hij niet de juiste persoon had aangewezen, waarna bij de tweede fotoconfrontatie de nummering van de foto van verdachte dezelfde was als van de foto die de getuige bij de eerste confrontatie had aangewezen. Daarop is het Hof niet ingegaan. In dit opzicht lijdt de bestreden uitspraak dus aan een motiveringsgebrek. CAG: anders.
De uitspraak op rechtspraak.nl